FAQ

De invoering van het nieuwe vmbo levert veel vragen op vanuit het werkveld. In deze rubriek worden de belangrijkste vragen opgenomen die bij de M&T-ambassadeur of bij onze regiovoorzitters binnenkomen. Uiteraard mét antwoorden. Kijk dus regelmatig in deze rubriek voor info of stel ook uw vraag.

FAQ

STO informatie-uurtje

Waar kan ik een overzicht vinden van de vragen en antwoorden die gesteld worden in het STO informatie-uurtje?

Doorlopende leerlijnen

Waar zijn de doorlopende leerlijnen vmbo-mbo (techniek) in te zien? Is er een landelijk doorgeschreven curriculum waarbij de leerlijnen in techniek vanaf (minimaal) vmbo tot en met mbo inzichtelijk zijn?

Dé doorlopende leerweg vmbo-mbo techniek is er niet. Door de constructie van profiel- en keuzevakken/-delen is het voor scholen mogelijk om regionale aansluiting vmbo-mbo te realiseren, gekoppeld aan de arbeidsmarktvraag van de regio. De realisering van een doorlopende leerweg is daarmee sterk context gebonden. Het is aan de samenwerkende vmbo-scholen en het ROC om afspraken te maken tussen vmbo en mbo (beide zijn immers uiteindelijk verantwoordelijk voor de opleiding cq. diploma van de leerling) over het voorkomen van overlap in de opleiding resulterend in versnelling, verdieping of verbreding. Uiteraard zijn wel de wettelijke vastgestelde syllabi en kwalificaties in het MBO leidend, evenals de LOB-eisen. Inmiddels is het wetsvoorstel welke de doorlopende leerroute mogelijk maakt aangenomen in de Tweede Kamer. De vraag zal hierdoor snel actueel worden en aandacht krijgen.

Download het wetsvoorstel

Examens

Is er iets bekend over veranderingen binnen Facet voor wat betreft M&T?

Facet gaat de digitale registratie en beoordeling verzorgen voor de vakken PIE, BWI en Groen. De beoordelingsschema’s worden voor deze profielen digitaal aangeboden. Komend examen wordt dit waarschijnlijk ook gedaan voor M&T.

Mogen leerlingen in de kader beroepsgerichte leerweg (KB) een beroepsgericht vak op een hoger niveau afsluiten?

Sommige scholen willen leerlingen in de KB het beroepsgerichte vak laten afsluiten op het niveau van de gemengde leerweg (GL). Dit kan niet en wel om twee redenen:
• Een leerling komt één eindcijfer tekort als hij het beroepsgerichte vak afsluit op GL-niveau. Een KB-leerling krijgt 2 cijfers (één voor het profielvak en één combinatiecijfer voor het beroepsgerichte keuzevak) een GL-leerling krijgt één combinatiecijfer voor het hele beroepsgerichte vak.
• Het profielvak in de KB en de GL hebben hetzelfde niveau, er is dus geen sprake van een hoger niveau. In de KB moet een leerling het KB-profielvak volgen. Als hij het profielvak van de GL volgt, dan moet de leerling ingeschreven worden in de GL en de avo-vakken op GL-niveau doen.

Praktijkleren

In het verleden was het voor een bedrijf wat een leerwerkplek beschikbaar stelde mogelijk om een fiscale regeling te treffen. Wat zijn de voordelen van het LWT traject?

Antwoord DUO-informatiecentrum:

In het verleden was er inderdaad een fiscale regeling waar bedrijven die een leerwerktraject aanboden een beroep op konden doen. Deze regeling is in 2014 vervangen door de subsidieregeling praktijkleren. In de toelichting op invoering van de nieuwe regeling in 2014 (zie Staatscourant 31130 uit 2013) staat dat met deze regeling de regeling afdrachtvermindering komt te vervallen. De voorwaarden voor het leerwerktraject voor vmbo-leerlingen, treft u aan in artikel 10 van de regeling en ook hier. De subsidie is aan te vragen via de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland.

Risicovolle arbeidsmiddelen

Wie mag de magazijnstellingen keuren en wie mogelijk niet?

Deze vraag wordt beantwoord in de context van VO M&T en is geformuleerd door Raymond Crutzen, expert op het gebied van Arbo en Veiligheid in het praktijklokaal M&T.

Wat zegt de wet

Arbobesluit art 7.4a keuringen lid 5: Keuringen worden uitgevoerd door een deskundige natuurlijke persoon, rechtspersoon of instelling.

Verder geeft de wet geen bepalingen t.a.v. keuringen. Voor een aantal arbeidsmiddelen heeft de wet deskundigheid of partijen nader gedefinieerd. Echter niet voor magazijnstellingen die ook onder deze bepaling vallen.

Verder is van belang of er in de relevante Arbocatalogus afspraken gemaakt zijn t.a.v. de keurder van stellingen. Relevante arbocatalogi in deze zijn:
– Arbocatalogus VO. Hierin zijn geen afspraken gemaakt over de ‘keurder’.
– Arbocatalogus Transport en Logistiek (voor praktijkonderwijs vergelijkbare beroepsgroep). Hierin staat vermeld. De constructie wordt voor de in gebruik name gekeurd door een deskundige en vervolgens bij elke aanpassing, die invloed heeft op de sterkte van de constructie. Dit geeft echter verder geen specifiekere beschrijven dan de wet zelf.

Arbocatalogus van andere branches zijn mogelijk interessant als u een oplossing zoekt, echter de arbocatalogus zijn bindende afspraken tussen werkgevers en werknemers van betreffende branche. Werkgevers die onder een andere branche vallen zijn niet gebonden aan deze afspraken.

Conclusie

De werkgever bepaalt zelf door wie hij de stellingen laat keuren. Dit kan dus in feite door iedereen mits aantoonbaar deskundig. Behalve de deskundigheid eis is er niemand uitgesloten voor het uitvoeren van de keuring. Dat de werkgever in zijn keuze rekening houdt met de mate van deskundigheid (kwaliteit van keuring), onafhankelijkheid en objectiviteit, is zeker aan te bevelen, maar geen wettelijke eis. In het verlengde van uw vraag of de docent M&T de stellingen zou mogen keuren is mijn mening dat de vakdocent M&T per definitie deskundig zou moeten zijn t.a.v. de stellingen (anders wordt het moeilijk om hierover leerlingen de juiste zaken te leren). In principe zou hij objectief moeten zijn. Hij heeft namelijk geen enkel (financieel) belang bij de uitkomsten van de keuring (de vergelijking met de slager die zijn eigen vlees keurt gaat niet op omdat de docent in deze niets produceert of levert met een zakelijk belang). De onafhankelijkheid zou mogelijk in geding kunnen komen omdat hij onder druk gezet kan worden door zijn leidinggevende (schoolleiding) die mogelijk wel een belang heeft bij de uitkomst van de keuring in de vorm van kosten voor herstel geconstateerde afkeur. Ik acht echter de docent voldoende mondig om zich door deze druk niet te laten beïnvloeden in het keuringsresultaat.  Keuringen uit laten voeren door externe onafhankelijke (geen leverancier!) keuringsinstelling die keurt volgens een keurmerk (BMWT, TUV, VA,..)  levert over het algemeen wel een kwalitatief betere keuring op. Bij keuring door een externe partij die een zakelijk belang heeft (b.v. leverancier) is het maar de vraag of de keuring objectief is. Hier is namelijk wel spraken van keuren van eigen middelen.

Verder wil ik ingaan op uw eigen onderzoek bij verschillende bronnen op internet naar mogelijk regels of interpretaties:

Link 1: https://www.arbocatalogus-tg.nl/brancheafspraken/veilige-magazijninrichting/stellingveiligheid/
Ten eerste is deze arbocatalogus dus niet bindend voor VO.
Bullet 6 keuring door een objectief persoon. Dit is niet nader gedefinieerd. In het praktijkvoorbeeld (niet bindend)  ‘stellingbeoordelaar’ vindt u : D: Jaarlijkse inspectie kan worden uitgevoerd door een onafhankelijke interne of externe technicus met vereiste kennis van de specifieke constructieve- en montage- aspecten en gebruiksveiligheid van de te inspecteren stelling. Dit geeft verder ook geen concrete invulling anders dan het aanhalen van ‘onafhankelijk’ zonder dit te definiëren.

Link 2: https://agroarbo.nl/wp-content/uploads/sites/4/2017/05/Bijlage-Magazijnstellingen-Eisen-keuring-en-inspectie.pdf
Hiervoor geldt hetzelfde als link 1.  Hier gaat men wel iets verder t.a.v. de deskundigheid door te stellen dat er een speciaal opgeleide keurmeester moet zijn zonder dit verder te specificeren, definiëren of te refereren.

Link 3: Publicatie in Vakmedianet door een keuringsinstelling (Maas Holland). Deze publicatie is van een commerciële organisatie (Vakmedianet) en wordt gedaan door een bedrijf dat er belang bij heeft dat bedrijven de keuringen door een externe laten uitvoeren. Hun stelling voorwaarden; de keurmeester moet vakkundig zijn, minimaal 5 jaar aantoonbare ervaring met magazijnstellingen en een werktuigbouwkundige achtergrond hebben’.  Deze voorwaarde is beschreven in het keurmerk TUV Duitsland en heeft dus geen betrekking op Nederlandse wetgeving en zal dus ook niet door de arbeidsinspectie gehanteerd worden.  Deze publicatie vind ik misleidend in het voordeel van een belanghebbende partij Maas Holland als externe keurende rechtspersoon.

Wat zegt de wetgeving over het werken met een stapelaar?

Er is geen specifieke wetgeving waarin iets over stapelaars wordt gezegd. In principe worden alle mechanisch aangedreven arbeidsmiddelen (zoals EPT’s, heftrucks en als afgeleide de stapelaar), gezien als een risicovol arbeidsmiddel door I-SZW. Hiervoor geldt dat:

• De werkgever zijn werknemers goede instructie (theoretisch en praktisch) moet geven hoe met deze arbeidsmiddelen om te gaan en hen moet wijzen op de risico’s.
• Er geen wettelijke verplichting is voor een heftruck of EPT certificaat. Echter als er een ongeval plaatsvindt dan zal de I-SZW altijd bewijs willen zien dat deze instructie is gegeven en met een mondelinge instructie kan dit niet.
Aspect leeftijd:
• In principe mogen jeugdigen onder de 16 jaar niet met een risicovol arbeidsmiddel werken.
• Vanaf 16 tot 18 jaar alleen onder direct toezicht. (NB. bij een ongeval met een jeugdige 16- 18 jarige zal I-SZW altijd zeggen dat onvoldoende toezicht is gehouden).
• Vanaf 18 jaar mag je zelfstandig een heftruck of EPT besturen.

Heeft M&T ook instructiekaarten die we kunnen gebruiken in het praktijklokaal?

Ja. Deze kunt u vinden op de website Veilige praktijklokalen.

Wat houdt Code 95 in?

Code 95 is een aanduiding op het rijbewijs, die achter een voertuigcategorie is geplaatst. Deze code is verplicht voor het beroepsmatig besturen van een voertuig waarvoor rijbewijs C1(E), C(E), D1(E) of D(E) noodzakelijk is. Voor de activiteiten voor de school, is Code 95 niet nodig voor het berijden van een vrachtwagen. Voor het gebruik van een heftruck op school, mocht daar sprake van zijn, is wel het hoogste diploma noodzakelijk, die van vakbekwaamheid. De minimale leeftijd is 16 jaar, maar tot 18 jaar geldt nog wel een verscherpt toezicht. Dus de leerlingen mogen er zeker nog niet op rijden. De vraag is dan of een docent dan zijn papieren op orde heeft. Als een school een heftruck heeft en de docent werkt er mee, moet hij de hoogst mogelijke diplomering hebben.

Lees meer over Code 95 op website CBR

Lesbevoegdheid

Zijn er richtlijnen voor een tweedegraads bevoegdheid als docent M&T?

Ja. Download het document met de tweedegraads bevoegdheidseisen. Let wel, het betreft een richtinggevend document; maatwerk is beter.

Stel hier uw vraag